Het eerste dat je over evolutie moet begrijpen, is dat evolutie niet lineair is.
Het is binair.
Als je terugkijkt, lijkt het een lijn, omdat we steeds verder rechtop zijn gaan lopen.
Maar dat is alleen als je de hele lijn ziet als je terugkijkt.
Vanuit het perspectief van degene die het meemaakt, is het binair.
Het is net als met sporten: jij bent bezig met je voeding, naar de sportschool gaan. Over de hele lijn gaat je gewicht naar beneden, maar elke individuele actie is binair. Jij hebt niet elke seconde door dat je gewicht naar beneden gaat: jij zit midden in een gevecht met jezelf.
Mijn vermoeden is dat Bijbelse verhalen over het moment gaan dat mensen ineens mensen waren, en zich dus ook zo gingen identificeren.
Daarvoor waren we ook een soort, maar niet per se mensen.
Dat het geloof over wat je bent verandert, is ook een binair proces.
En ik denk dat we nu in een fase zitten waarin mensen denken: wat is een mens eigenlijk? Ik identificeer me als man, vrouw, non-binair – maar ook met bepaalde energieën.
We zijn nu dus meer aan het ontmensen.
Wat we geloven dat we zelf zijn, is langzaam aan het veranderen.
Waarom de wetenschap (nog) niets van de realiteit begrijpt
Het moeilijkste van zelf leren nadenken is alles vergeten wat je op school hebt geleerd.
Ik gebruik zo min mogelijk getallen, omdat die de manier waarop je naar de werkelijkheid kijkt (extreem) beïnvloeden. Daarom ben ik niet zo'n fan van kinderen zo vroeg met getallen laten werken.
Bijvoorbeeld:
Mijn moeder vraagt of ik 2 eieren koop.
Ik kom terug met 2 eieren: ze zijn allebei bedorven.
Wat ik heb gedaan, klopt. Ik heb 2 eieren meegenomen.
Maar de waarde van het getal 2 is minimaal.
Een getal is dus altijd een beperkt iets, het is een richtlijn. Want wat mijn moeder eigenlijk zei, is: neem 2 verse eieren mee.
Een getal heeft dus alleen nut als je het kunt toepassen op de praktijk. Het probleem is dat je je dan blindstaart op het getal.
In bovenstaand voorbeeld had ik beter 0 eieren kunnen kopen, of 1 vers ei.
Wat betekent 1+1=2?
Niets. Stel dat bovenstaande som weer over eieren gaat.
Eigenlijk zijn er drie scenario's. Of de 2 enen slaan allebei op hetzelfde ei (dan klopt de som niet meer, want het gaat niet over hetzelfde ei – dat kan niet).
Of: beide enen slaan op verschillende eieren (dan klopt de uitkomst 2 niet meer). Want we tellen 2 verschillende eieren bij elkaar op.
1+1 is dus nooit 2.
Er is geen enkele uitkomst in de echte wereld waar 1+1 exact 2 is. Alleen in de theorie.
Je kunt het ook zo zien:
Ik koop 2 eieren. Eén weegt 2 gram en één weegt 300 gram. We hebben het dus over 2 totaal verschillende dingen.
Het gevaar is dus dat als je focust op hoeveel iets is, je niet meer ziet wat het is. Je reduceert iets letterlijk tot een nummer. En dat moet je nooit doen. Daarom zou je rekenen bij kinderen veel later moeten introduceren.
Nog een voorbeeld: ik sport 6x per week. Maar wat betekent dat nou eigenlijk? Niets. Ik kan 6x een half uurtje gaan. Ik kan ook elke keer 3 uur tot het gaatje gaan. Ook in dit geval is de betekenis van het getal 6 minimaal.
Ik weet hoe flauw dit allemaal klinkt. Mijn punt is dit: als je de werkelijkheid wilt begrijpen, moet je zorgen dat getallen raakvlakken hebben met de realiteit. En dat gebeurt veel en veel te weinig.